Door: Ramona van Wijk

Door de coronacrisis is het mogelijk dat het bedrijf in financieel zwaar weer zit of wellicht nog gaat belanden. Hierdoor kan de onderneming mogelijk de pensioenpremies nu of straks (even) niet meer volledig betalen. Als het bedrijf de premies voor een periode van enkele maanden niet kan voldoen, maar daarna weer in kan lopen, dan is er geen directe noodzaak om maatregelen te nemen. Als het vooruitzicht is dat de premies ook op de wat langere termijn niet betaald kunnen worden dan kan het bedrijf maatregelen nemen. In dit artikel schetsen we de mogelijkheden en geven we aan wat de rol van de ondernemingsraad hierin is.

Noodmaatregel Overbrugging Werkbehoud (NOW)

Werkgevers die hun omzet als gevolg van de coronacrisis zien dalen, kunnen zich bij het UWV inschrijven voor de Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW). Is de omzetdaling bijvoorbeeld 100 procent, dan wordt 90 procent van de loonkosten door de overheid betaald. Daalt de omzet met de helft, dan wordt 45 procent van de loonkosten vergoed. Een van de voorwaarden is wel dat ondernemers voor de komende drie maanden minimaal 20 procent omzetdaling verwachten en het reguliere salaris blijven doorbetalen. Er is daarnaast een opslag van 30 procent op de vergoeding van toepassing voor de werkgeverslasten zoals het vakantiegeld en de pensioenpremies.

De vergoeding uit de NOW zal tijdelijk zijn, namelijk drie maanden met de mogelijkheid tot nog drie maanden verlenging. Inmiddels is duidelijk dat de financiële gevolgen van de coronacrisis ook op langere termijn nog impact hebben op bedrijven. De overheid werkt aan een tweede pakket noodmaatregelen. De uitwerking hiervan is nog niet bekend

Betalingsregeling met pensioenuitvoerder treffen

Het is mogelijk dat de vergoeding vanuit de NOW niet de benodigde financiële verlichting geeft. Als het bedrijf de premies voor de pensioenregeling over een periode van meerdere maanden niet langer kan betalen, dan is het noodzakelijk dat er een betalingsregeling met de pensioenuitvoerder wordt getroffen. Het Verbond van Verzekeraars, de Stichting van de Arbeid en de Pensioenfederatie hebben met elkaar afgesproken dat de pensioenuitvoerders de werkgevers zoveel mogelijk tegemoet zullen komen als deze problemen ervaren bij het betalen van de pensioenpremies als gevolg van de coronacrisis. De pensioenuitvoerders zullen, binnen de wettelijke mogelijkheden, coulant optreden bij het hanteren van de betalingstermijnen en het invorderingsbeleid. Wat zijn dan de huidige wettelijke mogelijkheden waarover we hier spreken? Dit vraagt om een nadere toelichting.

Regels in de Pensioenwet

In de Pensioenwet zijn regels opgenomen waarbinnen verzekeraars en premie pensioeninstellingen (PPI’s) moeten handelen als het gaat om het opmaken van de premienota en het vervolgens innen van de pensioenpremies. Er zijn ook regels voor het ergste geval: het premievrij maken van de pensioenpolissen van de werknemers als premiebetaling uitblijft. Deze regels zijn opgesteld ter bescherming van de pensioenopbouw van de werknemers. Samengevat ziet dit er als volgt uit;

  1. De verzekeraar of PPI heeft een inspanningsverplichting tot het innen van de pensioenpremies bij de werkgever. Er moet periodiek (in de praktijk meestal maandelijks) een rappel tot betaling aan de werkgever te worden verzonden.
  2. Als na diverse aanmaningen de betaling uitblijft, kan de verzekeraar of PPI op zijn vroegst na drie maanden betalingsachterstand de werknemers informeren over de ontstane betalingsachterstand.
  3. Blijft de betaling nog steeds uit, dan heeft de verzekeraar of PPI het recht om de polissen van de werknemers met een terugwerkende kracht van vijf maanden voorafgaand aan het moment van informeren van de werknemers premievrij te maken.
  4. De risicodekking tegen overlijden en arbeidsongeschiktheid zal nog drie maanden in stand blijven nadat de werknemers zijn geïnformeerd over de achterstand.

Zoals gezegd, zullen de pensioenuitvoerders momenteel coulant optreden bij ontstane betalingsachterstanden. De uitvoerders zullen zich echter vaak nog steeds aan bovengenoemde termijnen houden om de mogelijkheid van het met terugwerkende kracht premievrij maken van de polissen te behouden.

Gevolgen van niet nakomen van betalingsverplichting

Daarnaast is het voor de ondernemingsraad, de werkgever en werknemers belangrijk om te weten welke gevolgen het niet nakomen van de betalingsverplichting heeft voor de pensioenopbouw van de werknemers. Dit kan per uitvoerder verschillen. Zo wordt er binnen een beschikbare premieregeling waarbij de premiebetaling via een rekening courant loopt per de eerste dag van de maand, ongeacht of er een betalingsachterstand is of niet, ook daadwerkelijk belegd (zoals bij Allianz, Nationale Nederlanden en Zwitserleven). Daarnaast zijn er uitvoerders (bijvoorbeeld Aegon Cappital en Brand New Day) die de premies pas beleggen na daadwerkelijke betaling.  

Een wijziging van de pensioenregeling kan de pensioenkosten structureel verlagen

Tijdens de coronacrisis worden veel ingrijpende maatregelen genomen. Het wijzigen van de pensioenregeling kan zo’n soort maatregel zijn. Voor wijziging van een pensioenregeling is normaal gesproken instemming van alle werknemers nodig. Er zijn echter uitzonderingen. Binnen de verzekerde pensioenregelingen heeft de werkgever veelal de mogelijkheid om een beroep te doen op het zogeheten wijzigingsbeding. Dit beding kan in principe alleen worden ingeroepen als aantoonbaar alle andere, minder vergaande opties zijn uitgeput.

Wat houdt dit in? Als er bij een werkgever sprake is van ‘zwaarwegende belangen’, dan bestaat de mogelijkheid om een pensioenregeling eenzijdig (tijdelijk) aan te passen. Een zwaarwegend belang kan onder andere zijn dat de continuïteit van de onderneming in het gedrang is als de pensioenregeling ongewijzigd zou worden voortgezet. Hiermee is niet gezegd dat aanpassing zonder meer mogelijk is; elke ‘casus’ wordt altijd apart beoordeeld. Zo wordt vaak een accountantsverklaring vereist als onderbouwing van de zwaarwegende belangen van de werkgever. De accountant moet dan de continuïteit check uitvoeren en zijn conclusies opnemen in een accountantsverklaring.

Instemmingsrecht van de OR

Daarnaast is er in de praktijk discussie of de genoemde ‘eenzijdige’ aanpassing daadwerkelijk helemaal eenzijdig door de werkgever zou mogen worden doorgevoerd zonder instemming van de OR. Ook na het inroepen van het wijzigingsbeding is het voor werkgevers aan te bevelen om voor de wijziging van de pensioenregeling ook instemming van de OR te verkrijgen. Als sprake is van zwaarwegende belangen, mag van de OR worden verwacht dat zij snel handelt. Als de OR niet akkoord gaat, dan kan er vervangende instemming van de rechter worden gevraagd. Als dat niet is gedaan, of als er helemaal geen instemming is gevraagd, en de werkgever voert de wijziging toch door, dan moet de OR binnen een maand na het besluit de nietigheid van een besluit inroepen richting de werkgever. Een actieve opstelling van de OR bij de financiële impact van de coronacrisis op het bedrijf zorgt ervoor dat de OR ook bij een eventuele (eenzijdige) wijziging van de pensioenregeling een rol kan spelen en het instemmingsrecht op een goede wijze kan invullen.

Advies van PVT of PV

Voor bedrijven zonder CAO en OR is het verplicht de Personeelsvertegenwoordiging (PVT) of Personeelsvergadering (PV) om advies te vragen. De PVT en de PV hebben de mogelijkheid om advies uit te brengen over een voorgenomen besluit om onder andere wijzigingen in de pensioenovereenkomst aan te brengen. Voorwaarde hiervoor is dat die wijzigingen minimaal 25 procent van de werknemers raken. De werkgever mag van het advies van de Personeelsvergadering of Personeelsvertegenwoordiging afwijken mits dat met onderbouwing van het besluit gebeurt. Bedrijfseconomische redenen kunnen daarbij worden aangevoerd en zullen ingeval van een geschil met de PV/PVT zwaar meewegen in de overwegingen van de Kantonrechter of Bedrijfscommissie.

Advies

In het geval er problemen bij het betalen van de pensioenpremies (te verwachten) zijn, dan is het noodzakelijk maatregelen te nemen. Daarbij hoeven de hier beschreven maatregelen elkaar niet uit te sluiten. Wellicht kan het treffen van een betalingsregeling op de korte termijn voldoende zijn, maar zal een tijdelijke aanpassing van de pensioenregeling op de wat langere termijn toch noodzakelijk kunnen blijken. Daarnaast blijft het nog de vraag of een eventuele vergoeding vanuit de Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud voldoende zal zijn. Op dat moment kan pas goed worden beoordeeld in hoeverre deze maatregel financiële verlichting voor het bedrijf gaat bieden en kan bepaald worden of er aanvullende maatregelen nodig zijn om de pensioenpremies te kunnen blijven betalen.

Voor de werkgever en de ondernemingsraad is het belangrijk dat eventuele problemen vroegtijdig gesignaleerd worden. Samen kan dan bekeken worden welke maatregelen gepast zijn en of deze ook uitvoerbaar zijn.

Heeft u vragen of wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan gerust contact op met Ramona van Wijk: Ramona.van.wijk@montaepartners.nl

Terug naar het nieuwsoverzicht